Posts tonen met het label Vleesgerecht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Vleesgerecht. Alle posts tonen

vrijdag 31 januari 2014

Foodblogswap Januari 2014; Stoofvlees met bier

De Foodblogswap vind ik toch wel een van die leuke bijkomstigheden van het hebben van een Foodblog. Niet alleen ben je bezig met het ontwikkelen van je eigen Foodblog maar je kijkt ook iedere maand even buiten je eigen keuken. Hoe pakt die ander de dingen aan en vooral natuurlijk; wat kook hij of zij. Inmiddels mag ik deze maand voor de vierde keer mee doen. Via Facebook wordt een verdeling gemaakt onder de op gegeven Foodbloggers en dan kun je aan de slag. In deze eerste maand van het nieuwe jaar mocht ik koken van de blog I like ur food, de foodblogger met dubbele tong zoals ze zichzelf onder andere omschrijft op Twitter. Ze laat zich inspireren in vernieuwde gerechten met een tic. En laat ik nu af en toe best van een tic houden. Meestal "on the side" in een glas maar waarom ook niet gewoon verwerkt in je gerecht. 

Het was een beetje moeilijk uit zoeken dit keer. Ik probeer er toch altijd vanuit te gaan dat het niet de bedoeling is dat ik tig nieuwe ingrediënten moet kopen maar de meeste likeurtjes en biertjes had ik toch niet in huis. Dus ik besloot een stoofgerecht te nemen waarvoor ik bijna alles in huis had en het biertje aan te passen met een meer verkrijgbare variant. Alles klaar liggen en aan de gang dus. Het originele recept ietsje aangepast, door het uitbakken van de spekjes vond ik extra olijfolie namelijk niet meer nodig en aangezien ik geen peperkoek had en maizena ging gebruiken heb ik de bloem ook weg gelaten. Ook heb ik geen kaneel gebruikt omdat ik dat persoonlijk al gauw te overheersend vind en mijn mannen er niet van houden in hartige gerechten. Het originele recept van Inge vind je hier




Ingrediënten voor vier personen:



100 gram zuurkoolspek in blokjes
2 stengels bleekselderij
2 middelgrote uien
2 wortels
1 teen knoflook, fijngehakt
500 gram in blokjes gesneden runderstoofvlees (ik had een riblap
paar theelepels kruiden zoals gemalen piment, kaneel en kruidnagel
3 dl Oud Bruin bier
1 blik tomatenstukjes van 400 gram
1 eetlepel worcestersaus
3 verse of gedroogde laurierblaadjes
zeezout en zwarte peper uit de molen


Bereidingswijze:

Snijd de uien in halve ringen, de bleekselderij in maantjes van een dikke cm en de wortel in blokjes. Snijd de runderriblap in stukken. Bak de spekblokjes aan in een ruime pan. Voeg vervolgens de ui en de bleekselderij toe en laat deze een paar minuten fruiten. Voeg de wortel en knoflook toe en laat ook deze even mee bakken. Dan kan het vlees bij het groentemengsel. Bak het vlees rondom bruin en blus dit vervolgens af met bier en de tomatenblokjes. In mijn flesje bier zat minder vloeistof dan in het originele recept dus ik heb nog een half blik van de tomatenblokjes met water gevuld en toe gevoegd. Dit bleek voldoende. Voeg de kruiden, het laurierblad en peper en zout toe en laat de stoof vervolgens een paar uur sudderen. 3 uur was bij ons genoeg om er een heerlijk stoofpot je van te maken. Bind de stoof met een schijf peperkoek of, zoals ik gedaan heb met twee theelepels maizena. Had ik toch nog iets niet in huis.



Ik was benieuwd wat de kinderen er van zouden vinden. Ze houden allebei van stoofvlees maar ik maak het eigenlijk nooit met bier of wijn. De grote kleine man heeft een griepje, had het koud en vond alles best. Zolang het maar warm was. Het kleine meisje heeft alles netjes op gegeten en was drukker bezig met het weg schuiven van de witlof ernaast (wat ik er erg goed bij vond passen trouwens). De grote man heeft het pannetje dus leeg gemaakt, ik hoef dan verder niet meer te vertellen dat het bij hem in de smaak viel. Zeker voor herhaling vatbaar dus. Tnx Inge voor dit leuke recept!

maandag 27 januari 2014

Saté

Saté, en vooral saté met pindasaus, kan eigenlijk niet binnen het Weight Watch dieet. Die pindakaas hakt er zo in dat het eigenlijk niet meer leuk is. Maar goed, af en toe moet dat natuurlijk wel kunnen. Zelf gemaakt natuurlijk want dat blijft het aller lekkerste. Mijn moeder maakte vroeger al de saté op deze manier. Stukjes vlees marineren met een uitje, aanbakken en dan de saus er gewoon overheen. Alles lekker in één pannetje. Alleen bestond de marinade vroeger alleen uit ketjap met hooguit knoflookpoeder. In de jaren ben ik daar wel wat meer qua kruiden aan toe gaan voegen en soms ook weer eraf halen. Zo gebruikte ik een tijd sereh in de pindasaus maar mijn mannen konden daar toch maar niet aan wennen. En pittig, tjah, dat moet iedereen maar voor zichzelf bepalen. Ik vind mezelf best een pittig meisje, ook buiten de pindasaus om trouwens, maar mijn mannen en het kleine meisje houden er niet zo van. Aan tafel gaat er op mijn bordje dus een extra schepje sambal overheen.



Voor de saté voor 4 personen:
  • 400 gram varkenshaas of fricandeau
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 ui
  • 1 eetlepel zonnebloemolie
  • 2 eetlepels ketjap manis
Voor de pindasaus:
  • 300 ml halfvolle melk
  • 2 flinke eetlepels pindakaas
  • stukje gember van ongeveer 2 cm
  • 1 theelepel koriander
  • 2 eetlepels ketjap manis
  • 1/2 Spaanse peper of sambal naar smaak

Snijd het vlees in blokjes van ongeveer 2 cm. Neem gerust kipfilet als je dat wilt, dat doen wij ook regelmatig. Snijd de teentjes knoflook fijn en de ui en kwart ringen. Schep de blokjes vlees om met de ui, de knoflook, de zonnebloemolie en de ketjap en laat dit rustig minimaal een uurtje (of langer als je de tijd hebt) marineren in de koelkast.
Bak het vlees na het marineren rondom bruin en gaar en blus dit vervolgens af met de melk. Zet het vuur zacht en voeg de overige ingredienten toe voor de saus. Laat de saus in dikken tot het de gewenste dikte heeft. Wil je de saus dikker voeg dan nog wat pindakaas toe maar doe dit niet te snel, de pindasaus heeft even tijd nodig om te dikken. Wil je de saus minder dik voeg dan nog een scheutje melk toe.
De kindjes vinden het erg lekker om er nog geroosterde uitjes overheen te strooien maar aangezien die nogal wat WW points bevatten laat ik dit op mijn bordje achterwege.

dinsdag 21 januari 2014

Jodenhaas

Ik lag laatst weer eens een herhaling van 24Kitchen te kijken 's nachts. En daar gaf een Engelse slager tekst en uitleg over de mooie stukjes rundvlees die niet standaard in de vitrine bij uw en mijn slager liggen. Stukjes rundvlees als Jodenhaas, longhaas en bavette die volgens de slager zelfs zijn voorkeur hadden boven een "normaal" biefstukje. Dat wekte natuurlijk wel mijn interesse en of het zo moest zijn stond ik een week later bij de horeca groothandel voor een verpakking Jodenhaas. Tjah, dat moest geprobeerd worden.

"Jodenhaas (ook wel schouderhaas of diamanthaas genoemd) is een stukje vlees dat zich bevindt tussen de schouders aan de voorkant van het rund. Orthodoxe Joden mogen vanwege hun spijswetten geen vlees van de achterbout eten maar een stuk biefstuk van de voorvoet is wel toegestaan. Dit verklaart meteen de naam Jodenhaas. Qua vorm lijkt de Jodenhaas op ossehaas maar de stukken wegen slecht 300 tot 400 gram. Het is het meest malse stuk vlees uit de schouder." (bron: www.jodenhaas.nl)


Toen ik het zo op m'n snijbord had liggen wist ik het niet zeker hoor. Het rook prima, voelde ook goed aan en eigenlijk was er niks om me zorgen over te maken. Maar toch. De eerste kilo die ik kocht was bedoeld voor tijdens het gourmetten en ik wilde natuurlijk wel zeker zijn dat het echt mals vlees was. Ik besloot dus een reep van ongeveer 5 cm af te snijden en dit snel rondom aan te bakken. Na een paar minuutjes rusten stonden de kleine man en ik allebei aan het aanrecht en sneed ik het stuk in reepjes. "wauw", hoorde ik alleen maar naast me en hij zei daarmee wat ik voelde en proefde. Dit was absoluut een fantastisch stukje rundvlees, heerlijk mals en zacht en zeer zeker een gourmetavondje waardig en terwijl we de kleine stukjes op peuzelden stuurde ik manlief een whatsappje: "Als je langs de groothandel komt......"

Maar hoe zou het zijn om deze Jodenhaas als geheel te bakken? Nou ik kan jullie inmiddels vertellen dat dit ook zeer zeker de moeite waard is. Bovenstaande foto waren stukjes van iets meer dan 250 gram. Eigenlijk vind ik dat het mooi stukje rundvlees niet meer nodig heeft dan peper en zout. Een scheutje olie en een klontje boter in de pan dus en de stukken Jodenhaas met vers gemalen peper rondom bruin aan braden. Ongeveer 3-4 minuten per kant. Daarna ongeveer tien minuten laten rusten op een afgedekt, voorverwarmd bord. Ondertussen bakte in de champignons in het braadvet van de Jodenhaas. De Jodenhaas zouten en snijden en serveren met de gebakken champignons.



Een fantastisch stukje rundvlees, goedkoper dan een biefstukje. Ik kan het jullie zeer zeker van harte aan raden.

zondag 12 januari 2014

Tête de Veau

In Limburg rommelt het al een paar weken. Af en toe zie je mensen rond lopen in raar gekleurde pakjes en hier en daar hoor je uit verenigingsgebouwen en café's de klanken van trompettisten die hun lippen oefenen en percussionisten die ritmes onder controle proberen te krijgen. Op 11 november hadden we een eerste kleine uitbarsting van het gerommel maar heel Limburg bereidt zich voor op de jaarlijkse grote uitbarsting.

In de aanloop naar de grote uitbarsting, dit jaar begin maart, gebeurd van alles in Limburg. Kostuums worden genaaid of van zolder gehaald, hoedjes versierd, pruiken gekapt. En vanaf begin januari beginnen de zittingen, waar buutreedners de brats aan sjtaeke en bloaskapelle loate zeen wat ze kenne. Dameszittingen waar mannen absoluut verboden zijn en herenzittingen waar over dames alleen gesproken word.

En dan moet er natuurlijk ook goed gegeten worden want vaak wordt er ook goed gedronken. In de jaren heeft men zich er kennelijk zelf van overtuigd dat vet gebak en zware maaltijden de perfecte basis zijn voor een avondje door halen, of een middagje of, zoals bij veel zittingen, gewoon een hele dag. Meer dan zelden wordt zo'n zitting dan ook begonnen met sjpek mit ei, eet men tussendoor un lekker nonnevot en sluit men af met een tuut frit mit zoervleisj of zoer vleis of zoer sajs, afhankelijk van waar in Limburg je je op dat moment bevindt. En als je toch thuis beland en van tevoren je carnaval gepland hebt, dan kan het wel eens zo zijn dat er een keteltje Tête de veau op je staat te wachten. Lekker warm met brood of rijst, afhankelijk wat je dan nog aan kunt om te maken.



Tête de veau, oorspronkelijk uit Maastricht, werd van oudsher gemaakt van de resten van een kalfskop. Omdat dit tegenwoordig niet meer te krijgen is in Nederland wordt het heden ten dagen gemaakt van kalfsvlees maar je komt ook variaties tegen met varkensvlees, kipfilet en zelfs gehakt. Ik haalde het recept uit het boek "Leer Limburgs koken" van Netty & Peetjie Engels. Ik gebruikte varkensfricandeau en paste het recept iets aan omdat mijn mannen het net te weinig smaak vonden hebben.

Voor 4 personen:

  • 400 gram varkenspoulet (of filet of fricandeau, ik had zelf 300 gram en dat ging ook prima)
  • 2 uien
  • 1 laurierblad
  • 200 gram champignons
  • 30 gram boter
  • 30 gram bloem
  • 2 blikjes tomatenpuree
  • ongeveer 350 ml gekookt water
  • Peper en zout, eventueel een scheutje room
Ik voegde extra toe: 3 eetlepels ketjap manis, 1 theelepel sambal en een teentje knoflook

Origineel wordt het vlees gekookt in water en wordt dat water naderhand gebruikt als kookvocht. Dit leek mij echter niet zo heel erg lekker dus ik heb het een en ander iets anders aan gepakt.




Smelt de 25 gram boter in een pan (ik gebruik bijna overal mijn wokpan voor) en fruit daarin 1 uit gesnipperd tot ze licht bruin is. Voeg dan de bloem toe en laat de bloem een minuut of 2 onder voortdurend roeren mee bakken. Verwam ondertussen de 350 ml water (waterkoker). Voeg het warme water beetje bij beetje toe. Blijf goed roeren. Blijf water toe voegen tot je een redelijke sausdikte hebt, je kunt altijd later nog iets meer vocht toe voegen. Voeg de tomatenpuree, het laurierblad en peper en zout toe. Laat dit geheel apart op een pitje pruttelen.

Snijd het vlees in kleine blokjes en snijd de champignons door midden en dan in plakjes. Bak beiden om beurten even in een apart pannetje aan. Het vlees hoeft niet helemaal gaar te zijn, dat komt later goed. Voeg aan de champignons nog eventueel iets peper en zout toe en schep het vlees en de champignons dan bij de saus. Snijd een halve ui in kwart ringen en voeg deze ook nog toe. Laat alles met een deksel op de pan nog een uurtje pruttelen. Roer af en toe door om te voorkomen dat het aan koekt.



Proef de tête de veau nu en voeg eventueel nog peper en zout toe of de room of besluit om de extra ingrediënten toe die ik toe gevoegd heb. Gebruik de halve ui die je over hebt voor je salade.



dinsdag 31 december 2013

Pinchos Morunos

Ik koop eigenlijk nog zelden boeken, dus ook geen kookboeken. Toen ik op mezelf ging wonen begon ik aan een verzameling van allerlei soorten kookboeken maar met de komst van internet werd dat steeds minder. Als ik iets zoek qua recepten dan vind ik dat meestal gewoon op internet. Maar soms vind ik het toch nog wel fijn om  in een hoekje van de bank te zitten met een boek. De bibliotheek is dan een uitkomst. Zo neem ik regelmatig een riedel boeken mee om me ergens in te verdiepen. Dat kan de Marokkaanse keuken zijn, de Indonesische keuken maar zeker ook de Spaanse keuken. Een van mijn favoriete kookboeken over de Spaanse keuken zijn de boeken van Sam en Samantha Clark. Hun verhalen over hun tocht door Spanje en Arabische landen en de passie waarmee ze het maken van hun eigen brood en Labne omschreven maakten dat dit de eerste kookboeken waren die ik bladzijde voor bladzijde uit las.



Een van de gerechten die ik uit hun boek maakte waren de Pinchos Morunos. Ik had ze al een keer in Spanje gegeten en in een Spaanse supermarkt hadden we potjes met kruiden gekocht. Vanaf dat moment kreeg iedereen die op vakantie naar Spanje ging de opdracht om kruiden mee te nemen. Totdat ik dus dit recept ontdekte. Ik heb het originele recept iets aangepast qua kruiden en als ik geen varkenshaas in huis heb gebruik ik met alle liefde kipfilet of kalkoenfilet. En toen er tijdens een bbq feestje per ongeluk een gamba in de Pinchos marinade terecht was gekomen bleek dat ook errug lekker te zijn. 

  • 500 gram varkenshaas
  • 1 theelepel komijnzaad of poeder
  • 1/2 theelepel venkelzaad
  • 1/2 theelepel korianderzaad
  • 2 theelepels gerookt paprikapoeder
  • 2 theelepels oregano
  • 2 teentjes knoflook
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 1 eetlepel citroensap
  • een plukje saffraan (optioneel)

Wel de pluk saffraan in twee eetlepels heet water. Snijd het vlees in blokjes. Plet de zaden in een vijzel of koffiemolen en voeg ze samen met de andere ingrediënten bij het vlees. Laat het vlees minimaal een uur marineren maar het vlees een nachtje in de koelkast laten staan komt de smaak zeker ten goede. Dit doe ik overigens niet bij kip, kalkoen of garnalen, dan is een uurtje voldoende.

Rijg het vlees aan spiezen. Als je houten spiesjes gebruikt denk er dan aan dat je ze even in het water legt om verbranden te voorkomen. Grill de spiezen rondom bruin. Heerlijk op de bbq maar ook zeker bij een tapas buffet. Maak er dan kleinere spiesjes van met 1 of 2 blokjes vlees of kip.

Wij sluiten het jaar af met een klein tapas buffetje met onder andere deze Pinchos. Het was een fijn jaar, we hebben niks te klagen gehad en we hopen dat 2014 nog meer fijne dingen voor ons in petto heeft. Wij wensen iedereen heel veel gezondheid en liefde.

woensdag 25 december 2013

Pulled Pork

Er zijn inmiddels meer dan genoeg Nederlandse foodblogs die aandacht besteedden aan Pulled Pork. Het stond op To Do lijstjes en daagde menige BBQ fan uit tot een nachtje door halen met een vuurtje. Pulled Pork stond niet op mijn To Do lijstje. Ik bedoel ik hou van draadjesvlees maar 6 uur wachten op een stukje vlees?

Als je zo'n foodblog begint en nog niet zo heel veel lezers hebt zul je vaak dichtbij huis om feedback vragen. En als ik 's avonds bezig ben is manlief toch de meest dichtbij zijnde feedback. Meestal zit hij namelijk aan het andere eind van de hoekband op zijn laptop te knoeien. Wat is dan makkelijker om even aan de overkant te vragen wat hij van die layout vind, de foto die je gemaakt hebt of het verhaal dat je geschreven hebt. Zo kwam het ook dat ik hem vertelde dat ik heel veel vegetarische en, nog erger, veganistische foodblogs tegen kwam. En dat ik het an sich niet verkeerd vond om een keer met minder of, nog erger, zonder vlees te doen. Manlief zag dat helemaal niet zitten maar onderging m'n uitstapjes naar de vegetarische wereld. Ondertussen bleef hij gezellig mee lezen en zal hij daardoor vast eens bij iemand anders op een foodblog geklikt hebben. En toen was daar de opmerking "nou dat ziet er toch uit als een gezellig stuk vlees of niet?". Ik reageerde kennelijk niet snel genoeg want in een ooghhoek zag ik het beeldscherm van zijn laptop naar me toe draaien, het teken dat er voor mij daar iets te zien was. Hij liet me een groot stuk bijna geblakerd stuk vlees zien. Een stuk vlees dat er, naar mijn mening, allerminst appetijtelijk uit zag. Daarna liet hij ;me een foto zien van een broodje met een soort van draadjesvlees van Procureur. Ik was nog steeds niet echt geïnteresseerd tot ik vorige week bij de slager een groot stuk Procureur van 1,8 kilo zag liggen. Het was in de aanbieding en ik nam het mee.

Maar jah, dan ga je je verdiepen in de Pulled Pork en dan raak je toch geintrigreerd door alle verhalen, alle verschillende recepten, alle verschillende meningen. Wel marineren, niet marineren, droge rub of natte marinade. Afdekken in de oven of niet maar kan zo'n Pulled Pork uberhaubt wel in de oven? En op welke temperatuur dan en hoe lang? Ik heb ze allemaal gelezen, de meningen, de ervaringen, de soorten rubs en marinades en ik besloot m'n eigen pad en common sence te volgen, voor zover ik dat heb.

Ik begon dus bij het idee dat de marinade iets zoets moest bevatten, iets pittigs, een rooksmaak en iets van een kruid. Er was niet meer zoveel gerookt paprikapoeder in huis maar ik had wel een fles ketchup staan uit Duitsland met een rooksmaak dus ik besloot deze te gebruiken.



Maak een marinade van:
  • 1 eetlepel gerookt paprikapoeder
  • 3 eetlepels ketchup met rooksmaak (Duitse Lidl)
  • 2 eetlepels donkere basterdsuiker
  • 1/2 theelepel cayennepeper
  • 1/2 theelepel chiliflakes
  • 2 teentjes knoflook, geperst
  • 2 theelepels thijm
  • 2 theelepels zout


Ik ga er even vanuit dat je niet de beschikking hebt over dezelfde ketchup. Je zou dan zelf een mengsel kunnen gebruiken 3 eetlepels gerookt paprikapoeder en 3 eetlepels ketchup. Masseer de marinade goed in het vlees. Bekleed een braadslede met aluminiumfolie en leg het vlees erin. Zet de braadslede in een oven van 110 graden (boven/onderwarmte). Laat het vlees daar achter voor gedurende zeker 8 uur maar in ieder geval tot dat de kerntemperatuur 88 graden aan geeft. In ons geval was dat zelfs iets langer.



Haal de braadslede uit de oven en laat de procureur, afgedekt met aluminiumfolie, zeker een half uur rusten. Haal vervolgens het vlees uit de braadslede en laat het vet uit de braadslede lopen. Haal de aluminiumfolie uit de braadslede en leg het vlees er terug in. Trek met twee vorken het vlees nu uit elkaar.



Het vlees was heerlijk maar ik vond het niet droog genoeg. Ik besloot dus het vlees in de braadslede onder de grill te leggen en om de vijf minuten alles even om te scheppen. Ook heb ik er nog een flinke eetlepel paprikapoeder en zeker een theelepel chiliflakes doorheen geroerd.


De mannen vonden de Pulled Pork fantastisch en dat had ik ook wel verwacht. Het meisje is een beetje ziekjes en wilde niet proeven. Ik vond het zelf heerlijk maar nog steeds erg veel oven uren voor een stuk vlees. Hier en daar heb ik al gelezen dat ik beter / makkelijker / sneller moet kunnen dus er zal vast nog een stukje procureur langs gaan komen. Volgende keer in ieder geval het vlees op een rooster leggen zodat het vlees niet in zijn eigen sappen en vetten gaart en we gaan experimenteren met een andere marinade. Maar voor voorlopig ligt er nog een hele portie van vandaag in de diepvries voor de volgende maaltijd.

vrijdag 20 september 2013

Souvlakia

Ondanks dat de temperaturen merkbaar minder worden vonden we vandaag toch een hele fijne dag om even de bbq aan te zwengelen. Niet dat lage temperaturen of zelfs regen ons doorgaan tegen houden, de bbq wordt hier het hele jaar door regelmatig aan gezet. Vooral voor deze souvlaki's want die smaken van de grill toch het allerbeste.


Je hebt nodig:
Varkenshaas of varkensfilet, voor 3,5 personen (de peuter eet lekker mee maar nog niet zoveel natuurlijk) hebben we ongeveer 500 gram nodig.
Citroensap
Thijm
Dille
Knoflook
Paprikapoeder
Zout en peper
Ouzo!

Ja en dat laatste ingrediënt wordt gebruikt in de marinade. Het hoeft niet natuurlijk, heb je het niet in huis of hou je er niet van, laat lekker weg. Maar wij hebben vrienden en familie hier al regelmatig mee verrast. Ouzo in de marinade? Jazeker!

Snijd het vlees in blokken van 2,5 à 3 cm. Niet te klein anders wordt het vlees te snel droog. Zeker varkenshaas maar beste rosé en sappig (niet rauw) van binnen. Pers er twee knoflookteentjes boven (of snijd in fijne plakjes), 2 theelepels thijm, 1 theelepel dille, 1 tl paprikapoeder. Sap van een halve citroen of een flinke scheut uit een flesje, 1 eetlepel olijfolie en een borrelglaasje ouzo. Doe er wel peper op maar geen zout! Laat een paar uur marineren, een nacht van tevoren maakt de souvlakia nog lekkerder.

Rijg het vlees op spiezen, zout het vlees en grill de spiezen gaar op de bbq of in een grillpan. Wij hadden erbij vandaag uiteraard Tzatziki, komkommer-tomaatsalade met feta en olijfjes, verse Griekse kool en een salade van gigantes bonen.
Frietjes en een paar inktvisringetjes maken het geheel volgens de kids helemaal af.

woensdag 18 september 2013

Ropa Vieja

Een paar jaar geleden slenterden we door Valkenburg toen we halt hielden voor een Mexicaans restaurant. Dat was lang geleden en de keuze was snel gemaakt. We gingen voor het buffet. Ik hou van restaurants met buffetten, van alles een beetje proeven en als je iets heel erg lekkers tegen komt nog een keer gaan voor een tweede portie :)

We ontdekten er Ropa Vieja, Mexicaans gekruid draadjesvlees met een topping van kaas en room. De topping hebben we nooit kunnen vinden in alle recepten op internet maar recepten voor Ropa Vieja zijn er meer dan genoeg. We hebben het recept dan ook met de jaren een beetje aangepast (uiteraard).



Ingrediënten:

- 400 - 500 gram rundvlees (runderriblap, sucade, alles wat je kan stoven)
- 2 flinke uien in halve ringen
- 3 tenen knoflook
- 1 theelepel komijn
- 2 laurierbladen
- 2 theelepels paprikapoeder
- snufje cayennepeper
- 1 eetlepel Biber, de milde variant (paprikapasta, optioneel)
- 1 blikje tomatenpuree
- 1/2 Spaanse peper. Wij laten deze i.v.m. de kids weg.

Snijd het vlees in repen of blokjes en bak dit aan. Bak de uienringen mee en vervolgens de knoflook. Bak de kruiden even mee. Bak de paprikapasta en het blikje tomatenpuree even aan en blus af met 0.5 liter bouillon. Deksel erop en stoven laten tot het vlees gaar is. Wij doen dit meestal de avond ervoor omdat dit het vlees echt veel lekkerder maakt. 

Vlak voor het opdienen voeg je nog een halve rode en een halve groene paprika toe in reepjes en laat dit mee warmen, niet meer koken.

Lekker met rijst, gebakken aardappeltjes, tortilla wraps of tortilla chips. Maak er een volledige maaltijd van door er nog een blik kidney bonen en een klein blikje mais aan toe te voegen. Quacamole, salsa en tortillachips erbij en klaar is je Mexicaanse maaltijd.

Edit: Inmiddels heb ik dit recept vaak gemaakt en ga dan natuurlijk ook op zoek naar varianten. En dan kom je er dus ook achter dat Ropa Vieja van oorsprong een Cubaans gerecht is. Voor de smaak maakt het natuurlijk niet veel uit maar ere wie ere toe komt en dat zijn in dit geval dus de Cubanen.

woensdag 13 februari 2013

Zoervleisj

De carnavalskoorts is weer voorbij. Rest ons alleen nog een flinke verkoudheid en weinig stem. Als voorbereiding op de dolle dagen (we worden ook wat ouder dus we hebben uiteindelijk maar één dag gevierd) had ik al Zoervleisj gemaakt. Want wat is carnaval zonder Zoervleisj, frit en sjlaat. Geen al te hoge keukenactiviteiten voor deze dagen maar toch ook weer een beetje wel.


Ingrediënten:
- 500 gram veulen- of paardenpoulet (rund kan ook hoor)
- 300 ml azijn
- 300 ml water
- 2 dikke uien in halve ringen
- 2 flinke eetlepels appel of perenstroop
- 2 plakken ontbijtkoek
- 3 laurierblaadjes
- 3 kruidnagelen (of 4 of 5, mij valt er altijd een teveel in de pan)
- Verse peper uit de molen
- Zout

Bereidingswijze:
Marineer het vlees in de azijn, het water, de laurierblaadjes en kruidnagelen, peper en zout. Recepten van oudsher spreken over 24 uur. Meestal zet ik het vlees de avond ervoor in de marinade en begin de dag erna in de middag met bakken. Geen 24 uur dus. Heb je de tijd, wacht de 24 uur rustig af.

Schep het vlees uit de kom, beetje boter of olie in de pan en braad het vlees en de uien aan. Schenk er daarna de azijn, het water en de kruiden weer terug in de pan. Laat een uurtje of 2 sudderen en voeg dan de stroop en de ontbijtkoek toe. Nog een uurtje sudderen en je Zoervleisj is klaar. Proef zelf na, vind je het vlees te zuur doe er dan eventueel nog wat extra stroop bij.

Sjmakelik aete!