dinsdag 31 december 2013

Pinchos Morunos

Ik koop eigenlijk nog zelden boeken, dus ook geen kookboeken. Toen ik op mezelf ging wonen begon ik aan een verzameling van allerlei soorten kookboeken maar met de komst van internet werd dat steeds minder. Als ik iets zoek qua recepten dan vind ik dat meestal gewoon op internet. Maar soms vind ik het toch nog wel fijn om  in een hoekje van de bank te zitten met een boek. De bibliotheek is dan een uitkomst. Zo neem ik regelmatig een riedel boeken mee om me ergens in te verdiepen. Dat kan de Marokkaanse keuken zijn, de Indonesische keuken maar zeker ook de Spaanse keuken. Een van mijn favoriete kookboeken over de Spaanse keuken zijn de boeken van Sam en Samantha Clark. Hun verhalen over hun tocht door Spanje en Arabische landen en de passie waarmee ze het maken van hun eigen brood en Labne omschreven maakten dat dit de eerste kookboeken waren die ik bladzijde voor bladzijde uit las.



Een van de gerechten die ik uit hun boek maakte waren de Pinchos Morunos. Ik had ze al een keer in Spanje gegeten en in een Spaanse supermarkt hadden we potjes met kruiden gekocht. Vanaf dat moment kreeg iedereen die op vakantie naar Spanje ging de opdracht om kruiden mee te nemen. Totdat ik dus dit recept ontdekte. Ik heb het originele recept iets aangepast qua kruiden en als ik geen varkenshaas in huis heb gebruik ik met alle liefde kipfilet of kalkoenfilet. En toen er tijdens een bbq feestje per ongeluk een gamba in de Pinchos marinade terecht was gekomen bleek dat ook errug lekker te zijn. 

  • 500 gram varkenshaas
  • 1 theelepel komijnzaad of poeder
  • 1/2 theelepel venkelzaad
  • 1/2 theelepel korianderzaad
  • 2 theelepels gerookt paprikapoeder
  • 2 theelepels oregano
  • 2 teentjes knoflook
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 1 eetlepel citroensap
  • een plukje saffraan (optioneel)

Wel de pluk saffraan in twee eetlepels heet water. Snijd het vlees in blokjes. Plet de zaden in een vijzel of koffiemolen en voeg ze samen met de andere ingrediënten bij het vlees. Laat het vlees minimaal een uur marineren maar het vlees een nachtje in de koelkast laten staan komt de smaak zeker ten goede. Dit doe ik overigens niet bij kip, kalkoen of garnalen, dan is een uurtje voldoende.

Rijg het vlees aan spiezen. Als je houten spiesjes gebruikt denk er dan aan dat je ze even in het water legt om verbranden te voorkomen. Grill de spiezen rondom bruin. Heerlijk op de bbq maar ook zeker bij een tapas buffet. Maak er dan kleinere spiesjes van met 1 of 2 blokjes vlees of kip.

Wij sluiten het jaar af met een klein tapas buffetje met onder andere deze Pinchos. Het was een fijn jaar, we hebben niks te klagen gehad en we hopen dat 2014 nog meer fijne dingen voor ons in petto heeft. Wij wensen iedereen heel veel gezondheid en liefde.

zaterdag 28 december 2013

Waffele van de mam



Er zijn van die recepten die je gewoon mee krijgt van huis en waar je niks meer aan verandert. Hoe oud je ook word en hoe vaak je het ook gemaakt hebt. De waffele van mam zijn daar een voorbeeld van. Het recept komt van oma die in de bijkeuken wafels bakte tussen kerst en nieuwjaar. Heel veel wafels voor iedereen in de familie. Het recept was altijd hetzelfde, de enige variatie waren de rozijnen. Er waren wafels met rozijnen en wafels zonder rozijnen. Het klinkt net iets te simpel en dat is het gewoon ook. Lekker simpel en gewoon simpel lekker.

Maar goed, gaandeweg in het leven kom je mensen tegen die soms ook bakken dus ik heb in de loop van de jaren een aantal wafel recepten verzameld die we allemaal erg waarderen. En toch, als de kerstdagen er langzaam aan komen en ik het wafelijzer af stof grijp ik als eerste terug naar het recept van de waffele van mam.....

Voor 20 tot 25 wafels:

  • 250 gram margarine
  • 250 gram witte basterdsuiker
  • 10 zakjes vanillesuiker
  • 500 gram zelfrijzend bakmeel
  • 4 eieren
  • snufje zout
  • scheutje melk (2 à 3 eetlepels)

Laat de boter goed zacht worden en mix deze luchtig met de basterdsuiker en de vanillesuiker. Voeg vervolgend een voor een de eieren toe. Voeg pas het volgende ei toe als het eerste volledig op genomen is. Zeef dan beetje bij beetje het zelfrijzend bakmeel door het beslag. Mix op een lage stand. Voeg op het laatst een scheutje melk toe (een half kopje is meer dan voldoende) en een snuf zout.



Bak de wafels tot ze goudbruin zijn. De wafels zijn vers iets knapperig maar worden in een afgesloten trommel lekker zacht.




    donderdag 26 december 2013

    Foodblogswap december 2013; Hartige tomaten-mozzarella muffins.


    Ik hoop dat iedereen heerlijke kerstdagen gehad heeft. Met vrienden en familie. Met heerlijk eten en gezellige momenten. Wij hebben het vooral rustig aan gedaan. Waar we vorig jaar de gehele familie aan onze tafel hadden zitten hebben we deze kerst twee keer elders aan tafel gezeten. En daardoor had ik vandaag tijd om op m'n gemak de hartige muffins te maken die ik voor de foodswap had staan. Voor de Foodswap van de maand december mag ik een recept uit kiezen bij Ona Pona's keukenavonturen. Er staan heerlijke recepten op deze Belgische Foodblog waar ik me als Limburgse in thuis voel. We vertoeven vaak in het Belgische, om uit te gaan eten, om te winkelen en met regelmaat vieren we er onze vakantie. En op deze Foodblog was ik op zoek naar iets dat ik kon serveren op de verjaardag van manlief aankomende zaterdag.

    Ik vond deze hartige tomaten-mozzarella muffins en besloot ze te maken in een mini muffin blik. Je krijgt dan one bite (alla, misschien two) hartige muffin hapjes. Ik had alleen geen emmentaler in huis dus in plaats daarvan gebruikte ik geraspte extra belegen kaas. En omdat ik net niet genoeg gedroogde tomaatjes meer had heb ik dat aantal grammen aangevuld met zwarte olijven in schijfjes. Maar ik kon me ook zomaar voorstellen dat blokjes feta, gerookte paprika, courgette of champignons ook zomaar heel erg lekker zouden zijn in deze muffins. De mannen moesten even wennen aan het volkorenmeel in de hartige muffins maar vonden ze heerlijk. De rest heb ik in de diepvries gedaan voor het feest zaterdag. Ik ga ze serveren met Tzatziki en Tomaten-Olijventapenade.


    Ingrediënten voor 12 gewone muffins of 6 jumbomuffins:
    100 gr gedroogde tomaten
    1 ui
    1 klein chilipepertje
    3 teentjes knoflook
    verse of gedroogde basilicum
    peper
    1 bolletje mozzarella (125 gr)
    250 gr volkorenbloem
    2 theelepels bakpoeder
    1/2 theelepel natriumbicarbonaat
    2 eieren
    5 eetlepels olijfolie (ik gebruikte de olie van de gedroogde tomaten)
    250 ml karnemelk (of gewone melk)
    50 gr extra belegen kaas geraspt



    Bereidingswijze:
    De oven voorverwarmen op 180°C (boven/benedenwarmte). De muffinvorm invetten of papieren vormpjes gebruiken.
    Tomaten, ui, knoflook en het chilipepertje (verwijder de zaadjes voor minder pit) in kleine stukjes hakken. De mozzarella ook in blokjes snijden. Basilicum fijnhakken.
    Meng de bloem met het bakpoeder, het natriumbicarbonaat en de peper door mekaar.
    Voeg er de eieren, de (karne)melk en de olijfolie aan toe en roer tot je een glad deeg bekomt. Voeg nadien de fijngehakte groenten, kruiden en mozzarella er aan toe en meng tot een geheel.
    Verdeel de deeg over de muffinvormpjes. Bestrooi met de gemalen kaas en zet 25 minuten in de oven.





    woensdag 25 december 2013

    Pulled Pork

    Er zijn inmiddels meer dan genoeg Nederlandse foodblogs die aandacht besteedden aan Pulled Pork. Het stond op To Do lijstjes en daagde menige BBQ fan uit tot een nachtje door halen met een vuurtje. Pulled Pork stond niet op mijn To Do lijstje. Ik bedoel ik hou van draadjesvlees maar 6 uur wachten op een stukje vlees?

    Als je zo'n foodblog begint en nog niet zo heel veel lezers hebt zul je vaak dichtbij huis om feedback vragen. En als ik 's avonds bezig ben is manlief toch de meest dichtbij zijnde feedback. Meestal zit hij namelijk aan het andere eind van de hoekband op zijn laptop te knoeien. Wat is dan makkelijker om even aan de overkant te vragen wat hij van die layout vind, de foto die je gemaakt hebt of het verhaal dat je geschreven hebt. Zo kwam het ook dat ik hem vertelde dat ik heel veel vegetarische en, nog erger, veganistische foodblogs tegen kwam. En dat ik het an sich niet verkeerd vond om een keer met minder of, nog erger, zonder vlees te doen. Manlief zag dat helemaal niet zitten maar onderging m'n uitstapjes naar de vegetarische wereld. Ondertussen bleef hij gezellig mee lezen en zal hij daardoor vast eens bij iemand anders op een foodblog geklikt hebben. En toen was daar de opmerking "nou dat ziet er toch uit als een gezellig stuk vlees of niet?". Ik reageerde kennelijk niet snel genoeg want in een ooghhoek zag ik het beeldscherm van zijn laptop naar me toe draaien, het teken dat er voor mij daar iets te zien was. Hij liet me een groot stuk bijna geblakerd stuk vlees zien. Een stuk vlees dat er, naar mijn mening, allerminst appetijtelijk uit zag. Daarna liet hij ;me een foto zien van een broodje met een soort van draadjesvlees van Procureur. Ik was nog steeds niet echt geïnteresseerd tot ik vorige week bij de slager een groot stuk Procureur van 1,8 kilo zag liggen. Het was in de aanbieding en ik nam het mee.

    Maar jah, dan ga je je verdiepen in de Pulled Pork en dan raak je toch geintrigreerd door alle verhalen, alle verschillende recepten, alle verschillende meningen. Wel marineren, niet marineren, droge rub of natte marinade. Afdekken in de oven of niet maar kan zo'n Pulled Pork uberhaubt wel in de oven? En op welke temperatuur dan en hoe lang? Ik heb ze allemaal gelezen, de meningen, de ervaringen, de soorten rubs en marinades en ik besloot m'n eigen pad en common sence te volgen, voor zover ik dat heb.

    Ik begon dus bij het idee dat de marinade iets zoets moest bevatten, iets pittigs, een rooksmaak en iets van een kruid. Er was niet meer zoveel gerookt paprikapoeder in huis maar ik had wel een fles ketchup staan uit Duitsland met een rooksmaak dus ik besloot deze te gebruiken.



    Maak een marinade van:
    • 1 eetlepel gerookt paprikapoeder
    • 3 eetlepels ketchup met rooksmaak (Duitse Lidl)
    • 2 eetlepels donkere basterdsuiker
    • 1/2 theelepel cayennepeper
    • 1/2 theelepel chiliflakes
    • 2 teentjes knoflook, geperst
    • 2 theelepels thijm
    • 2 theelepels zout


    Ik ga er even vanuit dat je niet de beschikking hebt over dezelfde ketchup. Je zou dan zelf een mengsel kunnen gebruiken 3 eetlepels gerookt paprikapoeder en 3 eetlepels ketchup. Masseer de marinade goed in het vlees. Bekleed een braadslede met aluminiumfolie en leg het vlees erin. Zet de braadslede in een oven van 110 graden (boven/onderwarmte). Laat het vlees daar achter voor gedurende zeker 8 uur maar in ieder geval tot dat de kerntemperatuur 88 graden aan geeft. In ons geval was dat zelfs iets langer.



    Haal de braadslede uit de oven en laat de procureur, afgedekt met aluminiumfolie, zeker een half uur rusten. Haal vervolgens het vlees uit de braadslede en laat het vet uit de braadslede lopen. Haal de aluminiumfolie uit de braadslede en leg het vlees er terug in. Trek met twee vorken het vlees nu uit elkaar.



    Het vlees was heerlijk maar ik vond het niet droog genoeg. Ik besloot dus het vlees in de braadslede onder de grill te leggen en om de vijf minuten alles even om te scheppen. Ook heb ik er nog een flinke eetlepel paprikapoeder en zeker een theelepel chiliflakes doorheen geroerd.


    De mannen vonden de Pulled Pork fantastisch en dat had ik ook wel verwacht. Het meisje is een beetje ziekjes en wilde niet proeven. Ik vond het zelf heerlijk maar nog steeds erg veel oven uren voor een stuk vlees. Hier en daar heb ik al gelezen dat ik beter / makkelijker / sneller moet kunnen dus er zal vast nog een stukje procureur langs gaan komen. Volgende keer in ieder geval het vlees op een rooster leggen zodat het vlees niet in zijn eigen sappen en vetten gaart en we gaan experimenteren met een andere marinade. Maar voor voorlopig ligt er nog een hele portie van vandaag in de diepvries voor de volgende maaltijd.

    woensdag 18 december 2013

    Ingelegde citroenen

    Het stond al een hele tijd op m'n To Do lijstje. Ingelegde citroenen zelf maken. Omdat ik van zuur en zout hou en dit me een fantastische combinatie leek. Gewoon in m'n hoofd zeg maar want ik moet meteen bekennen dat ik ze nog nooit zelf geproefd heb. Inmaken triggert me, zeker met het zicht op ons nieuwe huis met giga tuin en fruitbomen. Zo heb ik ook al drie keer mango's gekocht om chutney te maken maar het komt er gewoon niet van. Omdat ik het ideale recept niet kan vinden, omdat ik er de tijd niet voor vind. Omdat ik opeens thuis kom en de kids een mango in schijfjes op hun yoghurt gedresseerd hebben.

    Maar jah, zo'n pot ingelegde citroenen kopen vind ik dan weer zoiets en als je dan leest dat het ook heel makkelijk zelf kan. En toevallig had ik net een hele grote weckpot gekocht. Te groot bleek achteraf maar dat mag de pret niet drukken. De recepten variëren hier en daar heb ik gemerkt. Vrijwel iedereen schept zout in de citroenen maar het vullen van de pot zelf wil hier en daar nog wel eens anders zijn. Zo vult de een de pot helemaal af met zout, de ander vult de pot aan met citroensap en weer een ander gebruikt kokend water. Ik besloot voor een mengeling van deze mogelijkheden te gaan. Omdat ik graag een beetje van alle goeds heb. Denk ik. Of omdat ik zo besluiteloos ben. Kies jij maar ;)

    Voor een pot van 3 liter (ja echt) had ik nodig:

    • 24 kleine citroenen (bij de Turkse winkel hadden ze hele fijne kleine citroenen, 12 voor een euro)
    • Grof zee zout (flink wat)
    • Water
    Ik had al besloten om geen andere kruiden toe te voegen. Omdat ik de pure gezouten citroenen wil proeven, daarna kan ik altijd nog iets toe voegen of op nieuw maken. Al hoewel, met zo'n pot citroenen ben je natuurlijk wel voor een tijdje klaar. Dat krijg je als je een veel te grote pot koopt natuurlijk.

    Kook allereerst je weckpot goed uit. Leg 6 citroenen apart. Strooi een eetlepel zout onder in de pot. Snijd de overige 18 citroenen verticaal in vieren maar zorg dat de vier delen aan elkaar vast blijven zitten. Schep een volle eetlepel zout in de citroen en leg om de beurt in je weckpot. Na iedere laag citroenen strooi je nog een eetlepel zout in de pot. Druk de citroenen stevig aan, ze moeten strak in de pot zitten. Strooi na de laatste citroen nog twee eetlepels zout in de pot.

    En toen wilde ik de 6 apart gehouden citroenen uit persen. Maar dat vond ik dan toch weer jammer van de schil. Met een scheve blik keek ik in ons drankkastje (ja, wij hebben een drankkastje) en ja hoor. Een fles Wodka :) Dus ik schilde de citroenen eerst heel dun en maakte daar Limoncello van. Heerlijk, die geur alleen al door de keuken van citroenschillen. Ik krijg spontaan zin in de zomer. 's Avonds een fris wit wijntje met een scheutje Limoncello. Een Prosecco met een schuitje Limoncello, Sangria met een scheutje LimoncelloLimoncello granita, Limoncello over het ijs, Limoncello....... dwaal ik af? Is het al zomer? Zitten we buiten? Zucht.....

    Pers de geschilde (!) citroenen uit en giet het sap, zonder pitten, over je ingelegde citroenen. Kook water en laat het gekookte water iets afkoelen. Giet het vervolgens over de ingelegde citroenen tot alle citroenen onder water staan. Sluit de pot.

    Volgens de meeste recepten moeten deze citroenen 6 weken staan. Je kunt controleren of ze goed zijn door een citroen door te snijden, het witte deel van de schil hoort nu geel te zijn. Het vruchtvlees van de ingelegde citroenen verwijder je. Je gebruikt bij gerechten alleen de schil.

    Het resultaat laat ik, hopelijk, over 6 weken zien.